juni 2013

Wat voor de een gewoon is is voor iemand anders weer ongewoon. Ongewoon maakt dingen spannend, want je weet niet wat komen gaat. In een verhaal, in woorden kun je veel gewone dingen ongewoon maken want je hoeft je niet aan de realiteit te houden, aan de regels van de natuur bedoel ik. Bijvoorbeeld dat altijd iets naar beneden valt en dat hemel meestal blauw of grijs is. Of dat de zon elke dag ondergaat en dat het toch wel even duurt totdat er uit een zaadje een grote boom is gegroeid. Niets mee te maken in verhalen. Maar ook kun je in verhalen vertellen over mensen die anders leven dan jij, die in andere huizen wonen, op andere scholen zitten en heel ander soort leven leiden, wel in deze tijd en realiteit maar in een ander land bijvoorbeeld.
En als je dan zelf niet in Nederland of België woont maar in zo’n echt ander land, wordt dat ongewone best gewoon. Ik maak dat nu mee. Ik woon nu heel ongewoon in Helsinki in Finland. Over een paar dagen gaat de zon bijna niet onder. Heel gewoon hier. En ik woonde hiervoor heel lang in Italië. Daar vind ik nu een heleboel dingen gewoon, die ik in het begin heel ongewoon vond. Kortom door al dat gewoon op verschillende plaatsen wordt soms het ongewone, gewoon en omgekeerd. En ik vind het best (on)gewoon.